Wolfie, mijn eerste buitenlandse hond

Ik ben deze blog gaan schrijven op aanraden van de mensen om mij heen die mijn artikelen op facebook volgden over mijn belevenissen met Wolfie, Yuna en Puk. Zij gaven aan dat nieuwe eigenaren van een hond uit het buitenland er veel aan zouden kunnen hebben om dit te lezen. Niet alleen als herkenning en erkenning hoe zwaar het traject met een getraumatiseerde hond kan zijn maar ook hoe dankbaar de weg uiteindelijk kan zijn.

Hoe het allemaal begon…

In 2016 kregen wij onze eerste hond uit het buitenland. Zijn naam was Wolfie en hij kwam uit Roemenië. Hoe oud hij precies was weten we niet maar in ieder geval ruim volwassen (zijn leeftijd werd geschat op 7 jaar). We waren al een tijdje op zoek naar een hond en aangezien ik zelf een zwak heb voor honden van het oertype viel mijn oog direct op Wolfie toen hij op een filmpje van een stichting voorbij kwam.

Diezelfde week kwam hij naar Nederland en sloten wij hem in onze armen. Zijn adoptie was een traject met pieken en dalen met name omdat hij op straat was gevangen door hondenvangers. In Roemenië worden honden van straat gevangen met een vangstok (dat is zo’n lange stok met aan het eind een lus van touw die ze om de nek van een hond kunnen leggen en die zich daarna vastsnoert zodat de hond niet kan ontsnappen). Dit gaat er op een allerminst  zachtzinnige manier aan toe en vele dieren houden hier dan ook een trauma aan over, zo ook Wolfie.

De eerste periode mochten we hem dan ook niet aanraken in het gebied van zijn nek en een halsband was al zeker uit den boze dus koos ik voor een tuig wat hij ook niet bepaald comfortabel vond zitten (veel schudden) maar daar raakte hij in ieder geval niet van in paniek.

Het feit dat hij op straat had geleefd zorgde er wel voor dat hij zich op straat veilig voelde, hij was direct zindelijk en liep eigenlijk vanaf dag één al direct een rondje met mij mee buiten, zowel in de wijk als in het bos. Binnen was een ander verhaal. Daar vond hij het ontzettend spannend. Je zag dit direct doordat zijn houding en staart verlaagde ten opzichte van buiten. Als hij buiten liep dan had hij zo’n mooie krulstaart op zijn rug, stonden zijn oortjes naar voren en zag je een blij koppie.

Zodra we binnenkwamen zakte zijn staart naar beneden en gingen zijn oortjes naar achteren. Dat is altijd zo gebleven. Hij kon uiteindelijk wel binnen heel blij zijn maar bij aanraking gingen zijn oortjes toch altijd plat. Zijn leven voor ons had iets stukgemaakt dat niet meer zou helen.

Het eerste half jaar

Het eerste half jaar vond ik heel erg zwaar. Hij voelde zich binnen niet veilig, in de tuin eigenlijk ook niet echt, vermoedelijk omdat hij bij beiden niet kon vluchten wanneer hij dit wilde. Hij was wel enorm op mij gericht en vond het daarom moeilijk om alleen achter te blijven.

Van tevoren had ik bedacht dat ik Wolfie “gewoon” mee zou nemen naar school als ik de kinderen ging brengen aangezien de school naast het bos ligt waar ik toch altijd al graag wandelde en nu kon ik beide combineren. Hetzelfde met het ophalen van de jongens, dan zou ik lekker bijtijds gaan zodat ik eerst een rondje kon wandelen in het bos en daarna de jongens weer uit school kon halen. Ik kwam van een koude kermis thuis want door zijn verleden had hij extreme angst voor auto’s (met name bestelbusjes), hij wilde niet eens meer in de buurt van onze auto komen.

Met de auto kunnen reizen stond dus hoog op mijn prioriteitenlijstje maar hoe moest ik dat in hemelsnaam doen op dat moment want de kinderen moesten toch gewoon naar school gebracht en gehaald worden en hij kon nog niet alleen zijn???

Daarnaast wilde ik koste wat het kost voorkomen dat hij verlatingsangst zou ontwikkelen aangezien dat één van de meest moeilijke problemen is om weer op te lossen. Ik bedacht dus tijdelijke oplossingen om te zorgen dat hij niet zou merken dat ik weg was, het ging tenslotte maar om hooguit een minuut of 20-30 voordat ik terug zou zijn. Hij koppelde het weggaan echt aan de voordeur dus wat ik dan deed was via de garage weggaan aangezien wij van binnenuit de garage in kunnen lopen en dat toch wel een aantal keren per dag deden omdat de wasmachine en de vriezer daar stonden. Hij reageerde er ook niet op als ik daar naartoe ging of terugkwam, dan bleef hij gewoon slapen. Ik gaf hem dus een kluif en ging met de kids zo zachtjes mogelijk weg en was opgelucht als hij nog gewoon lag te kluiven toen ik terugkwam. Ik heb wat gekke dingen gedaan als ik eraan terugdenk. De stofzuiger aan laten staan in het washok of boven (niet aan te raden i.v.m. de brandveiligheid, maar ik was destijds nogal radeloos) of de tuindeur op een kiertje laten staan alsof ik in de tuin was om vervolgens gauw via de achterzijde te vertrekken. Ik wrong me in allerlei bochten om hem maar om de tuin te leiden zodat hij niet zou merken dat ik weg was en ik hem ondertussen op een rustige manier het autorijden aan kon leren en hij niet ondertussen verlatingsangst zou ontwikkelen. Achteraf gezien is dat mij op deze manier toch goed gelukt maar het heeft wat zweetdruppeltjes gekost.

Het opnieuw aanleren van de auto hebben we in hele kleine stapjes aangepakt maar het is uiteindelijk gelukt! De auto werd voor hem een FANTASTISCHE voermachine haha!

En daarna…

Nadat hij groot fan was geworden van onze auto kon hij ook mee de kinderen naar school brengen en halen wat we dan combineerden met het bos. Bij school kon ik gemakkelijk op grote afstand blijven staan aan de rand van het bos, zodat Wolfie op afstand de menigte van mensen kon bekijken zonder dat iemand zich met hem bemoeide. Er vroegen weleens kinderen of zij hem mochten aaien maar dan legde ik uit dat hij een zwerfhond was geweest en mensen soms een beetje spannend vond (wat hij bij kinderen eigenlijk nooit had maar veiligheid voor alles) maar ze mochten wel een koekje voor hem neergooien dus het zien van de kinderen vond hij vanaf dag 1 eigenlijk altijd een feestje.

Andere honden was soms nog wel een dingetje. Aangezien hij met ongeveer 2000 andere honden op een enorm veld had geleefd (overleefd is een beter woord) waren andere honden niet altijd zijn vrienden. Het duurde dan ook niet lang voordat ik precies de type honden eruit kon vissen waarvan ik wist dat hij er geen problemen mee zou hebben en voor welke we even om moesten lopen. Elke aanvaring zou zorgen voor onnodige vulling van zijn stressemmer wat uiteindelijk weer kon zorgen voor explosief gedrag. Dat was het voor hem niet waard, niet voor mij en ook niet voor de andere hond. Ik liep dus meestal met een grote boog om, ging de andere kant op of leidde hem af door voertjes in het gras te strooien. Toch kreeg ik daar soms opmerkingen over van andere eigenaren, dat ik mijn hond niet moest belonen voor zijn angst, dat hij het zo nooit ging leren en dat hun hond ECHT niets deed dus dat ik er wel gewoon langs kon lopen. Gelukkig heb ik hier nooit naar geluisterd en mijn eigen plan getrokken want ik wist gelukkig wel beter.

Wolfie heeft uiteindelijk een fantastisch leven bij ons gehad als je bedenkt waar hij vandaan is gekomen. Hij ging bijna overal mee naartoe, mee naar het bos, het strand, de school van de jongens, hij liep zelfs mee met de avond 4 daagse waar veel kinderen heb kende. Omdat hij zo’n rust uitstraalde waren kinderen en volwassenen die normaal angstig waren voor hond, toch niet bang voor hem. Hij blafte niet, hij sprong niet op maar benaderde mensen heel rustig en iedereen had het altijd over die blik in zijn ogen…

Ik hield rekening met de zaken waar hij moeite mee had en hij kreeg vooral onvoorwaardelijk veel liefde van ons. Hij was mijn maatje, mijn spiegel en de grote hondenliefde van mijn leven.

In maart 2020 is hij overleden aan een tumor bij zijn hart, ik zal mijn maatje voor altijd missen…

Gratis e-book

Geef iets superwaardevols gratis weg in ruil voor een email adres

Je kunt een weggever gebruiken om baasjes waardevolle tips te geven waar ze vandaag nog wat aan hebben, in ruil voor hun emailadres.⁣ Zo laat je ze met jou kennismaken zijn ze sneller geneigd bij je aan te kloppen.

Dit wil je misschien ook lezen:

Dierenartstraining voor honden – minder stress, meer vertrouwen 🐶

Is jouw hond angstig, gestrest of nerveus bij de dierenarts?
Veel honden ervaren een dierenartsbezoek als spannend of zelfs beangstigend. Dat kan leiden tot stress, verzet of angstagressie.

Als paraveterinair en hondengedragscoach help ik jou en je hond met dierenartstraining, zodat jouw hond leert wat hij kan verwachten en zich veiliger voelt tijdens onderzoeken en behandelingen.

Door handelingen zoals aanraken, kijken in oren en bek, prikjes en andere medische controles rustig thuis te oefenen, ontstaat voorspelbaarheid en vertrouwen. Hierdoor neemt stress af en wordt een bezoek aan de dierenarts een stuk prettiger — voor hond én eigenaar.

👉 Dierenartstraining voor honden is geschikt voor pups, volwassen honden én honden die al moeite hebben met de dierenarts.

Gun jouw hond een ontspannen dierenartsbezoek.

De uitdaging van een buitenlandse adoptiehond: mijn ervaring met Yuna

Het werken met honden met een verleden is niet altijd makkelijk. Sterker nog: het kan emotioneel zwaar en soms zelfs ontmoedigend zijn. Toch is het ook precies de reden waarom ik zo goed begrijp waar veel hondeneigenaren doorheen gaan.

In totaal heb ik vijf buitenlandse honden gehad, allemaal met een zogenoemd “rugzakje”. Eén van hen, Yuna, heeft mij misschien wel het meeste geleerd.


Van sponsorkindje naar adoptiehond

Yuna was in eerste instantie mijn adoptiehond op afstand. We sponsorden haar al langere tijd toen we besloten dat we zelf een hond wilden. Na veel wikken en wegen kozen we ervoor om juist haar naar Nederland te halen.

Op de beelden uit het asiel zagen we een open, lieve en vrije hond. Yuna was als pup, samen met haar moeder en nestgenootjes, gevonden onder een brug en in een asiel terechtgekomen. Haar familie werd al snel herplaatst, maar Yuna bleef achter — drie lange jaren.

Toen wij haar adopteerden, dachten we goed voorbereid te zijn. Ik had immers al veel ervaring met honden.


De realiteit: een extreem angstige hond

Wat er uiteindelijk bij ons binnenkwam, was totaal anders dan verwacht.

Yuna was doodsbang.

Ze vluchtte direct haar bench in en bleef daar de eerste week vrijwel continu zitten. Ze durfde niet door het huis te lopen en kwam alleen naar buiten om haar behoefte te doen — en zelfs dat deed ze zo snel mogelijk.

Alle geluiden, alle bewegingen, zelfs wij als mensen… alles was eng.

Dit was een confronterend moment. Dit was niet de hond die we op video hadden gezien.

Maar eigenlijk was het heel logisch.


Kennelsyndroom bij honden: wat er echt speelde

Yuna had haar hele leven in een asiel doorgebracht. Dat was haar wereld. Haar veiligheid. Alles wat daarbuiten lag, was onbekend — en dus beangstigend.

Na verloop van tijd schakelden we een collega gedragscoach in. Soms ben je als eigenaar simpelweg te dichtbij om alles objectief te zien.

De diagnose: een ernstige vorm van kennelsyndroom, veroorzaakt door een gebrek aan socialisatie in haar puppyperiode.

Dat betekende dat alledaagse prikkels — zoals verkeer, geluiden in huis of nieuwe situaties — haar extreem veel stress bezorgden. En dat verklaarde ook waarom ze telkens weer terugviel, ondanks kleine vooruitgangen.


Kleine stapjes en bijzondere momenten

Toch waren er ook lichtpuntjes.

Na ongeveer een week durfde Yuna voorzichtig door het huis te lopen en een plasje in de tuin te doen. Een bijzonder moment ontstond toen ze met mij meeging naar het konijnenhok.

Daar gebeurde iets bijzonders: ze ontspande.

Het stro, de afgesloten ruimte — het leek op haar kennel in Roemenië. Voor het eerst zagen we haar tot rust komen. Vanaf dat moment gingen we daar dagelijks even samen zitten. Onze band groeide, langzaam maar zeker.


Een tweede hond als steun

In de hoop haar meer zekerheid te geven, besloten we een tweede hond in huis te nemen: Puk. Ook zij kwam uit Roemenië, maar stond bekend als stabiel en goed gesocialiseerd.

De klik tussen de twee was er meteen.

Yuna begon kleine stapjes vooruit te maken, gesteund door Puk. Toch bleven de terugvallen. Harde geluiden, zoals een knal of een motor, zorgden nog steeds voor pure paniek.


De moeilijkste keuze: loslaten uit liefde

Op een gegeven moment moesten we eerlijk zijn naar onszelf.

Was dit leven echt het beste voor Yuna?

We wilden haar geluk vooropstellen — ook als dat betekende dat ze niet bij ons zou blijven. Na een lange zoektocht vonden we een nieuw thuis in België, bij een liefdevol stel zonder kinderen en met meerdere honden.

Daar had ze iets wat wij haar niet konden bieden:

  • Een enorme tuin
  • Minder prikkels
  • Geen verplichte wandelingen
  • Meer rust en vrijheid

En dat maakte alles anders.


Een gelukkig einde voor Yuna

In haar nieuwe omgeving zagen we Yuna opbloeien.

Ze rende, speelde, groef, zwom en leefde samen met andere honden. Ze kreeg liefde, aandacht en rust — precies wat ze nodig had.

Ze is daar inmiddels echt gelukkig.


Wat Yuna mij leerde

Yuna heeft mij één belangrijke les geleerd:

Soms betekent houden van… loslaten.

En juist daarom begrijp ik zo goed hoe moeilijk het kan zijn om met een hond met een verleden te leven. De onzekerheid, de twijfel, de kleine overwinningen — ik ken ze allemaal.

Sta jij voor dezelfde uitdaging? Dan weet je: je bent niet alleen.

Wil je hulp met jouw hond? Neem contact met me op en we bekijken samen hoe we je hond het beste kunnen helpen.

 

 

Dominantie bij honden: waarom dit vaak een misverstand is

Bijna dagelijks hoor ik uitspraken als:
“Mijn hond is dominant, want hij gromt naar mij”
“Hij wil altijd als eerste naar buiten”
“Hij trekt aan de riem en loopt voorop”

Veel gedragingen van honden worden nog steeds toegeschreven aan dominantie. Maar klopt dat eigenlijk wel?

Het korte antwoord: meestal niet.


Waar komt het idee van dominantie vandaan?

Het idee dat honden constant bezig zijn met rangorde en ‘de baas willen zijn’, komt voort uit onderzoek uit de jaren ’70. Onder andere de zoöloog Rudolf Schenkel en bioloog David Mech observeerden wolven in gevangenschap.

Deze wolven leefden:

  • niet in familieverband
  • in kleine ruimtes
  • met beperkte middelen

Het gevolg? Veel stress en agressie. Er ontstond een duidelijke hiërarchie, waarbij ‘alfa’s’ de controle hadden over voedsel en ruimte.

Destijds werd aangenomen dat dit gedrag één-op-één te vertalen was naar honden. En zo ontstond de dominantie-theorie.


Wat latere onderzoeken laten zien

Jaren later werden wolven in het wild bestudeerd. En daar zagen onderzoekers iets totaal anders:

  • Wolven leven in hechte familiegroepen
  • Er is zelden sprake van constante strijd of agressie
  • Samenwerking staat centraal

Een roedel bestaat meestal uit een ouderpaar met hun jongen. De ‘alfa’s’ zijn simpelweg de ouders — niet leiders die hun positie moeten afdwingen.

Dit beeld staat haaks op het oude idee van dominantie.


Honden zijn geen wolven

Nog een belangrijk punt: honden zijn géén wolven.

Volgens gedragsbioloog John Bradshaw (bekend van het boek Dog Sense) zijn onze huishonden het resultaat van duizenden jaren evolutie en domesticatie.

Je kunt het vergelijken met het verschil tussen mensen en chimpansees: er is verwantschap, maar ook een enorm verschil in gedrag.

Daarnaast stammen honden waarschijnlijk af van wolven die inmiddels zijn uitgestorven. We kunnen dus niet eens met zekerheid zeggen dat hun gedrag overeenkomt met de wolven die vandaag de dag leven.


Waarom noemen we gedrag dan toch “dominant”?

Gedrag zoals:

  • grommen
  • trekken aan de riem
  • niet luisteren
  • opspringen of ‘rijden’

wordt vaak gezien als dominant gedrag. Maar in werkelijkheid heeft het meestal andere oorzaken, zoals:

  • onzekerheid of angst
  • stress of overprikkeling
  • frustratie
  • gebrek aan duidelijke communicatie
  • onvoldoende training of begeleiding

Door gedrag als dominantie te bestempelen, missen we de échte oorzaak — en dus ook de juiste oplossing.


Het gevaar van de dominantie-theorie

Helaas zijn er nog steeds trainers die werken vanuit het zogenaamde “pack leader”-principe. Dit zie je bijvoorbeeld vaak terug in televisieprogramma’s zoals op Discovery Channel.

Deze aanpak kan leiden tot:

  • onderdrukking van gedrag
  • verhoogde stress bij de hond
  • een verslechterde band tussen hond en eigenaar

Honden die ‘gecorrigeerd’ worden vanuit dominantie denken vaak niet: “ik moet mijn rang aanpassen”, maar eerder: “ik voel me onveilig”.


Wat heeft je hond wél nodig?

In plaats van te denken in dominantie, is het veel effectiever om te kijken naar:

  • lichaamstaal
  • stresssignalen
  • emoties en behoeften

Wanneer je begrijpt waarom je hond bepaald gedrag vertoont, kun je hem écht helpen. Dat zorgt voor:

  • meer rust
  • betere communicatie
  • een sterkere band

Tot slot

Honden zijn ongelooflijk vergevingsgezind en passen zich vaak aan ons aan — zelfs als wij hen niet altijd goed begrijpen.

Misschien ligt de sleutel dus niet in ‘de baas zijn’, maar in beter leren luisteren.


Wil je je hond beter begrijpen?

Wil je meer inzicht krijgen in het gedrag van jouw hond? Tijdens een les over lichaamstaal leer je precies waar je op moet letten en hoe je je hond beter kunt begeleiden.

Neem gerust contact met me op — ik help je graag verder.