Een angstige adoptiehond (uit Roemenië): wat niemand je vertelt

De uitdaging van een buitenlandse adoptiehond: mijn ervaring met Yuna

Het werken met honden met een verleden is niet altijd makkelijk. Sterker nog: het kan emotioneel zwaar en soms zelfs ontmoedigend zijn. Toch is het ook precies de reden waarom ik zo goed begrijp waar veel hondeneigenaren doorheen gaan.

In totaal heb ik vijf buitenlandse honden gehad, allemaal met een zogenoemd “rugzakje”. Eén van hen, Yuna, heeft mij misschien wel het meeste geleerd.


Van sponsorkindje naar adoptiehond

Yuna was in eerste instantie mijn adoptiehond op afstand. We sponsorden haar al langere tijd toen we besloten dat we zelf een hond wilden. Na veel wikken en wegen kozen we ervoor om juist haar naar Nederland te halen.

Op de beelden uit het asiel zagen we een open, lieve en vrije hond. Yuna was als pup, samen met haar moeder en nestgenootjes, gevonden onder een brug en in een asiel terechtgekomen. Haar familie werd al snel herplaatst, maar Yuna bleef achter — drie lange jaren.

Toen wij haar adopteerden, dachten we goed voorbereid te zijn. Ik had immers al veel ervaring met honden.


De realiteit: een extreem angstige hond

Wat er uiteindelijk bij ons binnenkwam, was totaal anders dan verwacht.

Yuna was doodsbang.

Ze vluchtte direct haar bench in en bleef daar de eerste week vrijwel continu zitten. Ze durfde niet door het huis te lopen en kwam alleen naar buiten om haar behoefte te doen — en zelfs dat deed ze zo snel mogelijk.

Alle geluiden, alle bewegingen, zelfs wij als mensen… alles was eng.

Dit was een confronterend moment. Dit was niet de hond die we op video hadden gezien.

Maar eigenlijk was het heel logisch.


Kennelsyndroom bij honden: wat er echt speelde

Yuna had haar hele leven in een asiel doorgebracht. Dat was haar wereld. Haar veiligheid. Alles wat daarbuiten lag, was onbekend — en dus beangstigend.

Na verloop van tijd schakelden we een collega gedragscoach in. Soms ben je als eigenaar simpelweg te dichtbij om alles objectief te zien.

De diagnose: een ernstige vorm van kennelsyndroom, veroorzaakt door een gebrek aan socialisatie in haar puppyperiode.

Dat betekende dat alledaagse prikkels — zoals verkeer, geluiden in huis of nieuwe situaties — haar extreem veel stress bezorgden. En dat verklaarde ook waarom ze telkens weer terugviel, ondanks kleine vooruitgangen.


Kleine stapjes en bijzondere momenten

Toch waren er ook lichtpuntjes.

Na ongeveer een week durfde Yuna voorzichtig door het huis te lopen en een plasje in de tuin te doen. Een bijzonder moment ontstond toen ze met mij meeging naar het konijnenhok.

Daar gebeurde iets bijzonders: ze ontspande.

Het stro, de afgesloten ruimte — het leek op haar kennel in Roemenië. Voor het eerst zagen we haar tot rust komen. Vanaf dat moment gingen we daar dagelijks even samen zitten. Onze band groeide, langzaam maar zeker.


Een tweede hond als steun

In de hoop haar meer zekerheid te geven, besloten we een tweede hond in huis te nemen: Puk. Ook zij kwam uit Roemenië, maar stond bekend als stabiel en goed gesocialiseerd.

De klik tussen de twee was er meteen.

Yuna begon kleine stapjes vooruit te maken, gesteund door Puk. Toch bleven de terugvallen. Harde geluiden, zoals een knal of een motor, zorgden nog steeds voor pure paniek.


De moeilijkste keuze: loslaten uit liefde

Op een gegeven moment moesten we eerlijk zijn naar onszelf.

Was dit leven echt het beste voor Yuna?

We wilden haar geluk vooropstellen — ook als dat betekende dat ze niet bij ons zou blijven. Na een lange zoektocht vonden we een nieuw thuis in België, bij een liefdevol stel zonder kinderen en met meerdere honden.

Daar had ze iets wat wij haar niet konden bieden:

  • Een enorme tuin
  • Minder prikkels
  • Geen verplichte wandelingen
  • Meer rust en vrijheid

En dat maakte alles anders.


Een gelukkig einde voor Yuna

In haar nieuwe omgeving zagen we Yuna opbloeien.

Ze rende, speelde, groef, zwom en leefde samen met andere honden. Ze kreeg liefde, aandacht en rust — precies wat ze nodig had.

Ze is daar inmiddels echt gelukkig.


Wat Yuna mij leerde

Yuna heeft mij één belangrijke les geleerd:

Soms betekent houden van… loslaten.

En juist daarom begrijp ik zo goed hoe moeilijk het kan zijn om met een hond met een verleden te leven. De onzekerheid, de twijfel, de kleine overwinningen — ik ken ze allemaal.

Sta jij voor dezelfde uitdaging? Dan weet je: je bent niet alleen.

Wil je hulp met jouw hond? Neem contact met me op en we bekijken samen hoe we je hond het beste kunnen helpen.

 

 

Gratis e-book

Geef iets superwaardevols gratis weg in ruil voor een email adres

Je kunt een weggever gebruiken om baasjes waardevolle tips te geven waar ze vandaag nog wat aan hebben, in ruil voor hun emailadres.⁣ Zo laat je ze met jou kennismaken zijn ze sneller geneigd bij je aan te kloppen.

Dit wil je misschien ook lezen:

Dierenartstraining voor honden – minder stress, meer vertrouwen 🐶

Is jouw hond angstig, gestrest of nerveus bij de dierenarts?
Veel honden ervaren een dierenartsbezoek als spannend of zelfs beangstigend. Dat kan leiden tot stress, verzet of angstagressie.

Als paraveterinair en hondengedragscoach help ik jou en je hond met dierenartstraining, zodat jouw hond leert wat hij kan verwachten en zich veiliger voelt tijdens onderzoeken en behandelingen.

Door handelingen zoals aanraken, kijken in oren en bek, prikjes en andere medische controles rustig thuis te oefenen, ontstaat voorspelbaarheid en vertrouwen. Hierdoor neemt stress af en wordt een bezoek aan de dierenarts een stuk prettiger — voor hond én eigenaar.

👉 Dierenartstraining voor honden is geschikt voor pups, volwassen honden én honden die al moeite hebben met de dierenarts.

Gun jouw hond een ontspannen dierenartsbezoek.

Dominantie bij honden: waarom dit vaak een misverstand is

Bijna dagelijks hoor ik uitspraken als:
“Mijn hond is dominant, want hij gromt naar mij”
“Hij wil altijd als eerste naar buiten”
“Hij trekt aan de riem en loopt voorop”

Veel gedragingen van honden worden nog steeds toegeschreven aan dominantie. Maar klopt dat eigenlijk wel?

Het korte antwoord: meestal niet.


Waar komt het idee van dominantie vandaan?

Het idee dat honden constant bezig zijn met rangorde en ‘de baas willen zijn’, komt voort uit onderzoek uit de jaren ’70. Onder andere de zoöloog Rudolf Schenkel en bioloog David Mech observeerden wolven in gevangenschap.

Deze wolven leefden:

  • niet in familieverband
  • in kleine ruimtes
  • met beperkte middelen

Het gevolg? Veel stress en agressie. Er ontstond een duidelijke hiërarchie, waarbij ‘alfa’s’ de controle hadden over voedsel en ruimte.

Destijds werd aangenomen dat dit gedrag één-op-één te vertalen was naar honden. En zo ontstond de dominantie-theorie.


Wat latere onderzoeken laten zien

Jaren later werden wolven in het wild bestudeerd. En daar zagen onderzoekers iets totaal anders:

  • Wolven leven in hechte familiegroepen
  • Er is zelden sprake van constante strijd of agressie
  • Samenwerking staat centraal

Een roedel bestaat meestal uit een ouderpaar met hun jongen. De ‘alfa’s’ zijn simpelweg de ouders — niet leiders die hun positie moeten afdwingen.

Dit beeld staat haaks op het oude idee van dominantie.


Honden zijn geen wolven

Nog een belangrijk punt: honden zijn géén wolven.

Volgens gedragsbioloog John Bradshaw (bekend van het boek Dog Sense) zijn onze huishonden het resultaat van duizenden jaren evolutie en domesticatie.

Je kunt het vergelijken met het verschil tussen mensen en chimpansees: er is verwantschap, maar ook een enorm verschil in gedrag.

Daarnaast stammen honden waarschijnlijk af van wolven die inmiddels zijn uitgestorven. We kunnen dus niet eens met zekerheid zeggen dat hun gedrag overeenkomt met de wolven die vandaag de dag leven.


Waarom noemen we gedrag dan toch “dominant”?

Gedrag zoals:

  • grommen
  • trekken aan de riem
  • niet luisteren
  • opspringen of ‘rijden’

wordt vaak gezien als dominant gedrag. Maar in werkelijkheid heeft het meestal andere oorzaken, zoals:

  • onzekerheid of angst
  • stress of overprikkeling
  • frustratie
  • gebrek aan duidelijke communicatie
  • onvoldoende training of begeleiding

Door gedrag als dominantie te bestempelen, missen we de échte oorzaak — en dus ook de juiste oplossing.


Het gevaar van de dominantie-theorie

Helaas zijn er nog steeds trainers die werken vanuit het zogenaamde “pack leader”-principe. Dit zie je bijvoorbeeld vaak terug in televisieprogramma’s zoals op Discovery Channel.

Deze aanpak kan leiden tot:

  • onderdrukking van gedrag
  • verhoogde stress bij de hond
  • een verslechterde band tussen hond en eigenaar

Honden die ‘gecorrigeerd’ worden vanuit dominantie denken vaak niet: “ik moet mijn rang aanpassen”, maar eerder: “ik voel me onveilig”.


Wat heeft je hond wél nodig?

In plaats van te denken in dominantie, is het veel effectiever om te kijken naar:

  • lichaamstaal
  • stresssignalen
  • emoties en behoeften

Wanneer je begrijpt waarom je hond bepaald gedrag vertoont, kun je hem écht helpen. Dat zorgt voor:

  • meer rust
  • betere communicatie
  • een sterkere band

Tot slot

Honden zijn ongelooflijk vergevingsgezind en passen zich vaak aan ons aan — zelfs als wij hen niet altijd goed begrijpen.

Misschien ligt de sleutel dus niet in ‘de baas zijn’, maar in beter leren luisteren.


Wil je je hond beter begrijpen?

Wil je meer inzicht krijgen in het gedrag van jouw hond? Tijdens een les over lichaamstaal leer je precies waar je op moet letten en hoe je je hond beter kunt begeleiden.

Neem gerust contact met me op — ik help je graag verder.

 

Waarom de slipketting steeds meer onder vuur ligt

Zo’n 20 à 30 jaar geleden was het de normaalste zaak van de wereld: kreeg je een hond, dan kreeg je het advies om een slipketting te gebruiken. Op hondenscholen werd geleerd dat een correctie – een ruk aan de lijn – dé manier was om ongewenst gedrag zoals trekken af te leren. Veel baasjes namen dit zonder twijfel aan, simpelweg omdat het zo werd aangeleerd.

Maar tijden veranderen. Steeds meer inzichten in hondengedrag laten zien dat deze methode niet alleen achterhaald is, maar ook nadelig kan zijn voor het welzijn van je hond. Sterker nog: in sommige gevallen en landen wordt het gebruik van slipkettingen inmiddels zelfs afgeraden of verboden (óók in Nederland).

De mythe van de moederhond

Vroeger werd vaak gezegd dat een slipketting het gedrag van een moederhond nabootst, die haar pups zogenaamd corrigeert door ze in de nek te grijpen. Inmiddels weten we dat dit niet klopt.

Een moederhond gebruikt zelden fysieke correcties. Als pups over de grens gaan, corrigeert ze meestal met subtiele signalen zoals lichaamstaal, een blik of een zachte grom. Alleen bij gevaar pakt ze haar pups voorzichtig op om ze te verplaatsen – zonder pijn, zonder agressie.

Het idee dat pijn of intimidatie een “natuurlijke” opvoedmethode is, blijkt dus een misvatting.

Werkt een slipketting dan niet?

Eerlijk is eerlijk: ja, een slipketting kán werken. Maar dat betekent niet dat het de juiste manier is.

Een hond kan stoppen met trekken omdat hij pijn of schrik wil vermijden. Maar wat leert hij dan echt? Niet dat netjes meelopen gewenst gedrag is, maar dat trekken onaangename gevolgen heeft.

Bovendien zie je in de praktijk vaak dat:

  • de lijn continu strak staat
  • de hond constant druk op zijn nek ervaart
  • de correctie niet op het juiste moment wordt gegeven

In die gevallen werkt het niet alleen slecht, maar kan het zelfs averechts uitpakken.

De fysieke en mentale nadelen

Een slipketting brengt verschillende risico’s met zich mee:

Fysieke gevolgen

  • Druk op de luchtpijp
  • Mogelijke schade aan nekwervels
  • Pijn of ongemak
  • Haar dat vast komt te zitten tussen de schakels

Mentale gevolgen (vaak onderschat)

Misschien nog belangrijker zijn de mentale effecten. Honden leren namelijk via associaties. Dit heet klassieke conditionering.

Stel: jouw hond ziet een andere hond en wordt enthousiast. Op dat moment krijgt hij een ruk aan de slipketting. De kans is groot dat hij de pijn niet koppelt aan het trekken, maar aan de andere hond.

Gevolg:

  • Andere honden worden een voorspeller van pijn
  • Enthousiasme kan omslaan in frustratie of agressie
  • Onzekerheid en stress nemen toe

Dit is precies waarom sommige honden juist gaan uitvallen aan de lijn.

Waarom positieve training beter werkt

Gelukkig kan het ook anders – en beter.

In plaats van gedrag te onderdrukken met correcties, kun je je hond leren wat je wél van hem verwacht. Door gewenst gedrag te belonen (bijvoorbeeld met aandacht, voer of spel), leert je hond dat het fijn is om bij je te blijven.

Voordelen hiervan:

  • Je hond werkt graag met je samen
  • Er ontstaat vertrouwen in plaats van angst
  • Gedrag wordt stabieler en betrouwbaarder
  • Jullie band wordt sterker

Dus… wel of geen slipketting?

De vraag is uiteindelijk niet alleen: “Werkt het?”
Maar vooral: “Wil je dit als methode gebruiken?”

Wil je dat je hond naast je loopt omdat hij pijn wil vermijden?
Of omdat hij zich veilig voelt en graag bij je is?

Hulp nodig bij het trainen van je hond?

Loop je tegen problemen aan zoals trekken aan de lijn of uitvalgedrag? Dan kan professionele begeleiding een wereld van verschil maken.

Een goede kynologisch instructeur of gedragscoach helpt je om:

  • je hond beter te begrijpen
  • effectief en diervriendelijk te trainen
  • blijvend resultaat te bereiken zonder dwang

Zo werk je samen aan een ontspannen wandeling – voor zowel jou als je hond.


Kort samengevat:
Een slipketting kan misschien resultaat geven, maar brengt risico’s met zich mee voor zowel de fysieke als mentale gezondheid van je hond. Moderne, positieve trainingsmethodes zijn effectiever, vriendelijker en zorgen voor een sterkere band tussen jou en je hond.

En dat is uiteindelijk waar het echt om draait.

Wil jij hulp omdat je hond aan de lijn trekt? Stuur me dan een berichtje en dan gaan we samen aan de slag om jouw hond te leren dat wandelen aan een slappe lijn veel leuker is. Jij blij en je hond blij!